Nadat Backfire! in de jaren negentig gold als één van de koplopers van de toentertijd florerende eurocorescene, was het de laatste jaren akelig stil rond de Maastrichtse hardcoreformatie. Althans, zo leek het. “Als je weinig in Nederland speelt en lange tijd niets uitbrengt, denken veel mensen al snel dat de band niet meer bestaat”, aldus gitarist van het eerste uur, Wyb Brouwer. Met het verschijnen van het ongemeen ruige ‘In Harm’s Way’ heeft Backfire! echter aan alle twijfel luidruchtig een eind gemaakt.
Aan Wyb allereerst de vraag waarom een nieuwe plaat zo lang op zich liet wachten.
“We zijn een nogal luie band en hadden gewoon niet echt de motivatie om nieuwe songs te schrijven. We zaten toentertijd bij I Scream Records en van hen uit was er ook totaal geen druk om met nieuw werk te komen. Al zijn we wel altijd doorgegaan met optreden. Dat waren voornamelijk weekendshows, plus een aantal kleine tours in Duitsland. Bovendien zijn een aantal leden van Backfire! ook actief in de band Angel Crew. Om die band de tijd te geven een cd op te nemen en deze te promoten, lieten we Backfire! even op een laag pitje staan. Toen de resultaten van die plaat van Angel Crew nogal tegenvielen, besloten we Backfire! weer nieuw leven in te blazen. We hebben toen getekend bij Gangstyle Records. Omdat dat label ons wél achter de vodden zat en ons aanspoorde een nieuwe plaat te gaan maken, is die er dus nu gekomen.”
‘In Harm’s Way’ wordt min of meer gepresenteerd als jullie comebackplaat, terwijl Backfire! feitelijk nooit uit elkaar is gegaan.
“Nee, inderdaad. Zoals ik al zei zijn we altijd blijven optreden. Vooral in Duitsland, maar ook in landen als Spanje en Bulgarije. Maar daar hoor of lees je in Nederland natuurlijk niets over. En als je weinig in Nederland speelt en lange tijd niets uitbrengt, denken veel mensen al snel dat de band niet meer bestaat. Maar daar is absoluut nooit sprake van geweest. We concentreerden ons de afgelopen jaren gewoon op een andere regio.”
Na het voorlaatste ‘Change The Game’, dat in New York werd opgenomen met voormalig Madball-gitarist Matt Henderson, hield de band het ditmaal dichter bij huis, door de plaat op te nemen in de studio van drummer Igor Wouters.
“Igor heeft in Maastricht een klein simpel studiootje. En omdat hij al enige ervaring had met produceren heeft hij de plaat ook geproduceerd. En daarna is de plaat nog gemasterd door Tue Madsen, wat natuurlijk geen kleine jongen is. Dit is een goede keuze gebleken, want qua productie blaast deze plaat al onze vorige weg. Voor ons vorige album zijn we helemaal naar New York gegaan, om daar te werken met mensen van Madball en Biohazard. Terwijl deze plaat is opgenomen in een klein ‘kutstudiootje’, maar wel tien keer beter klinkt.”
“Doordat we alles zelf deden, konden we veel beter kritisch blijven. Met een externe producer is dat toch net wat lastiger, want dan is de tijd kostbaar en ga je op een bepaald moment dus maar akkoord met dat wat diegene er van heeft gemaakt. Nu hebben we gezamenlijk het album precies zo kunnen maken als wij wilden. Masteren had Igor nog nooit gedaan, dus dat hebben we aan Tue overgelaten. Waarom Tue Madsen? Hij werkt nauw samen met ons label en heeft bijvoorbeeld ook aan alle platen van Knuckledust meegewerkt. Het is natuurlijk bepaald geen kleine jongen, dus als je de mogelijkheid hebt om met hem te werken, zou je wel gek zijn als je daar geen gebruik van maakt.”
‘In Harm’s Way’ is vrijwel unaniem lovend ontvangen. Ben je zelf überhaupt al een negatieve recensie tegengekomen?
“Nee, eerlijk gezegd nog geen één. Wel heb ik een vrij lauwe recensie gelezen in een Duits blad. Die recensent vond het maar een middelmatige plaat. Maar verder heb ik eigenlijk alleen maar positieve reacties gehoord en gelezen. Op zich werden al onze platen wel positief ontvangen. We zijn dus ook niet echt gewend aan kritiek. Al was er destijds wel de nodige kritiek op de productie van ‘Change The Game’. Het enige waar niet iedereen over te spreken is, is de lay-out van de nieuwe plaat. Een hoop mensen vinden de hoes cheesy en kitscherig. In ieder geval niet zoals een albumhoes van Backfire! eruit zou moeten zien.”

“Nou moet ik zeggen dat het ook niet helemaal zo geworden is als wij wilden. We hadden wat anders voor ogen, maar dat bleek uiteindelijk toch niet te werken. Vanwege de tijdsdruk hebben we toen snel iets anders moeten kiezen, omdat de releasedatum steeds dichterbij kwam. Ik had het dus ook liever wat anders gezien, maar ik ben er wel tevreden mee. We wilden in de lay-out sowieso iets met Maastricht doen, omdat die stad natuurlijk een warme plek in ons hart heeft.”
En was het feit dat GSR Music, jullie nieuwe label, in Maastricht is gevestigd ook een reden om met dit label in zee te gaan?
“Dat maakt de samenwerking inderdaad wel erg prettig. Je kunt altijd even binnenwippen bij ze, waardoor het contact tussen band en label heel intensief is. Theo, de man achter GSR, gaat ook met ons mee als we optredens hebben en verkoopt onze merchandise tijdens shows. We zijn samen echt een team. Met I Scream was het ook wel prettig werken, maar op een gegeven moment verhuisde Laurens (Kusters, hoofd van I Scream Records, red.) naar de VS, met als gevolg dat het contact toen behoorlijk verwaterde. De huidige samenwerking met GSR bevalt ons dus een stuk beter.”
Eind jaren negentig was Backfire! een van de koplopers van de eurocorescene. Wat is er vandaag de dag nog over van die hele scene?
“Dat is moeilijk te zeggen. De scene was destijds inderdaad behoorlijk groot, maar eurocore lijkt een beetje een vies woord te zijn geworden. Veel bands van toen noemen zich tegenwoordig metalcore of youthcrew en doen eurocore lachend af als een jeugdzonde. Maar aan de andere kant worden onze shows nog steeds goed bezocht, dus zo dood is het blijkbaar nog niet.”
Gerco Zwiers
Website Backfire!
Recensie 'In Harm’s Way'